Aardbeien-fool: vruchtenpuree met slagroom

De fool is een Engels dessert dat sinds de zestiende eeuw is gedocumenteerd: vruchtenpuree door slagroom gespateld, en verder niets. Zonder ei, zonder gelatine en zonder op te stijven — hij is expres zacht, je eet hem met een lepel en hij hoort niet stevig te zijn. Klassiek gaat het om kruisbessen; met aardbeien lukt het net zo goed. Anders dan bij aardbeien met slagroom zijn er hier geen laagjes: alles wordt één roze massa.
Ingrediënten
- 500 g rijpe aardbeien
- 60 g suiker
- 1 tl citroensap
- 400 ml ijskoude slagroom
- 2 el poedersuiker
- 1 snuf zout
Bereiding
Was de aardbeien met het kroontje eraan en verwijder dat pas daarna: zonder kroontje zuigen ze water op door het gaatje.
Snijd 400 g in stukjes en meng ze met de gewone suiker en het citroensap. Laat 20 minuten staan tot ze sap loslaten.
Pureer of prak dit fruit. Laat er wat stukjes in als je die graag tegenkomt.
Zet de resterende 100 g in blokjes apart, voor het einde.
Zeef de puree als je een gladde fool wilt, of laat hem zoals hij is. Hoe vloeibaarder de puree, hoe zachter het dessert — dat is de enige knop waaraan je draait.
Klop de ijskoude room met de poedersuiker en de snuf zout halfstijf: de garde moet sporen trekken maar de room nog van de lepel vallen. Te stijf geklopt wordt de fool zwaar in plaats van luchtig.
Spatel de puree door de room en meng niet helemaal door: de klassieke fool wordt gemarmerd geserveerd, met zichtbare roze en witte slierten.
Verdeel over glazen, leg de apart gehouden blokjes erop en zet een uur koud.
Koud serveren. Hij houdt zich niet tot de volgende dag: het fruit blijft water loslaten en dan schift de fool.