Botercrème – basisrecept voor frosting

Het basisrecept voor de botercrème waarmee cupcakes, taarten en desserts worden gedecoreerd — glad genoeg voor fijne spuitmondjes en stevig genoeg om op kamertemperatuur te blijven staan.
Twee dingen zijn bepalend, en allebei worden ze graag overgeslagen. De poedersuiker wordt gezeefd: dat is de enige stap die een klontvrije crème garandeert, en met kleine mondjes merk je elk klontje. En vijf tot zeven minuten kloptijd is het minimum — daar komt de wolkige structuur vandaan, niet van meer boter. Dit is de crème voor de kiwicupcakes.
Ingrediënten
- 250 g zachte boter (kamertemperatuur, zacht maar niet gesmolten)
- 400 g poedersuiker, gezeefd
- 2 el volle melk
- 1 tl vanille-extract
Bereiding
Klop de boter 3 tot 5 minuten alleen op middelhoge snelheid, tot hij heel romig is en zichtbaar lichter van kleur geworden.
Voeg de helft van de gezeefde poedersuiker toe. Roer eerst op lage stand, zodat de suiker niet stuift, en zet de snelheid daarna hoger. Het zeven is niet optioneel: het is de enige stap die de crème klontvrij maakt.
Voeg de rest van de suiker, de melk en de vanille toe. Klop minstens 5 tot 7 minuten door op middelhoge snelheid. De kloptijd is het verschil tussen een professionele en een zware botercrème: hij moet luchtig worden, bijna als een wolk.
Bijstellen: is hij te stevig, voeg dan nog een scheutje melk toe. Is hij te zacht, zet hem dan 10 minuten koud en klop hem kort opnieuw op.